(NL) Atelier en Studio Luc Peire in Knokke

By DOCOMOMO Belgium / May, 22, 2017 / 0 comments

ZOMEREXPOSITIE | 08.07-10.09 | De Judestraat 64, Knokke-Dorp

Tijdens het weekend van juli en augustus kan U een goed bewaard interieur bezoeken in Knokke. Het atelier van de schilder Luc Peire (1916-1994) uit het einde van de jaren ’40 en de aanpalende bungalow uit het begin van de jaren ’60 is te weinig gekend. In het interieur een aantal originele meubelen gekocht in Parijs en in België. Luc Peire is één van de interessantste figuren binnen het Belgisch kunstgebeuren met een grote interesse voor architectuur en vormgeving.

Zomerverblijf in Knokke

Bungalow (1963-64), foto door Kristien Daem

Voor Luc en Jenny Peire waren de zomermaanden gelijk aan een verblijf in Knokke. In 1947 werd in de tuin van de woning in De Judestraat, die vroeger eigendom was van de ouders van Jenny Peire, een atelier opgetrokken met rudimentaire materialen. Het werd voor Peire een plek voor intense arbeid en ontvangst van vele artistieke vrienden. In de loopbaan van Peire is de zomer van 1957 een belangrijk moment met de expositie Vormen van Heden. De verwantschap tussen actuele kunst en eigentijds design was het thema van deze spraakmakende expositie in het Casino Kursaal van Knokke. De initiatiefnemers waren Karel Elno (1920-1993) en Luc Peire[1]. Met vele dagbladartikels en lezingen in geheel Vlaanderen was Elno, pseudoniem van Karel Horemans, de meest vurige verdediger van het eigentijds interieur en meubel. De foto’s van de tentoonstelling tonen hoe kunst en designmeubelen, die o.a. door De Coene werden geproduceerd, op een subtiele wijze bij elkaar werden gebracht. Het is in deze expositie dat het werk van Peire is opgehangen in de ruimte, een ongebruikelijke presentatiewijze die echter de essentie van het werk van Peire beklemtoonde. Vergeten wij niet dat in de jaren 1955-1958, de periode vóór het grote feest van de Expo in Brussel, een grote dynamiek aanwezig was om het hedendaagse te omarmen

Uitbreiding van het atelier

In 1963 kan Peire een 63 m² stuk grond aankopen in ruil voor o.a. het doek La Foule uit 1954. Het perceel sluit aan bij zijn atelier, wat toeliet een ruimere verblijfsaccommodatie te hebben, een kleine studio. Voor het ontwerp contacteerde hij Fred Sandra (1934-2000) en voor de uitvoering deed hij beroep op Roland De Brock uit Knokke. De Brock leerde vrij vroeg Peire kennen en beroepshalve legde hij zich toe op de coördinatie van bouwprojecten, zoals ziekenhuis Gasthuisberg in Leuven en het Concertgebouw in Brugge.

zicht vanuit de tuin met achteraan de studio van Luc Peire

Het verhaal van Sandra heeft te maken met het Houtverwerkingsbedrijf, de Kunstwerkstede De Coene uit Kortrijk. Na de oorlog 40/45 kende het bedrijf een moeilijke periode maar in de jaren ’50 was er een indrukwekkende expansie[2]. De Coene bekwam in 1954 van het Amerikaanse meubelbedrijf Knoll het exclusief Benelux-licentierecht voor het vervaardigen en het verkopen van de Knoll collectie. Samen met Herman Miller bepaalde Knoll de nieuwe richting van het moderne design met ontwerpers als Florence Knoll, Harry Bertoia, Eero Saarinen en Mies van der Rohe. Design dat in eerste instantie een plaats kreeg in publieke gebouwen infiltreerde geleidelijk in de woning. De Coene kreeg Europese faam voor haar vakmanschap bij het uitvoeren van totaal projecten, zoals de Bijenkorf in Rotterdam van Marcel Breuer. Daarnaast had De Coene ook een afdeling voor houten gelijmde spanten.

Luc Peire’s studio (1947), foto door Kristien Daem

De band tussen De Coene en Peire zal in de jaren ’60 nog intenser worden. In mei 1967 wordt Peire’s Environnement geassembleerd door De Coene in Kortrijk en er voor maakt Peire het langwerpig werk Graphie LVII ‘Europe” gerealiseerd, een werk op bestelling voor de opening van de nieuwe expositiehallen Kortrijk Expo, een initiatief van De Coene en Koramic.

De expansie van De Coene resulteerde in de uitbouw van een ontwerpbureau waar jonge ontwerpers als Philippe Neerman, Willy Nel en Fred Sandra zich met volle ambitie konden ontwikkelen. Fred Sandra studeerde binnenhuisarchitectuur aan het Sint-Lucas Instituut Gent  en vlug na zijn studies in 1956 kon hij aan de slag bij De Coene.
Het is via dit circuit dat Peire beroep deed op Sandra voor de bescheiden uitbreiding van zijn atelier. In plaats van elke m² interieur te maken, voorzag Sandra een kleine binnenpatio met een stenen bevloering om voldoende daglicht te introduceren. Vergeten wij niet dat het idee van een atrium, een ingesloten buitenruimte in de woning een geliefd thema is in de villabouw van de jaren ’50 & ’60. Een aspect van de moderne architectonische compositie is dat de ramen tussen de muren worden geplaatst, van vloer tot plafond. Een raam is geen gat in de muur met daar rond massa; het grote raam in de studio gericht naar de patio toont dit concept perfect. De baksteenmuren van de patio zijn wit geschilderd, enkel één verticale muur in het interieur behield de gele kleur van de baksteen, de muur tussen de twee ramen van de patio. Een niet zo toevallige beslissing aangezien het beklemtonen van de verticaliteit de essentie is in het oeuvre van Peire. Het is ook niet toevallig dat Peire juist tegen deze baksteenwand zijn semitransparante “Lumino Tours” plaatst. Sandra kiest voor een fluïde, moderne ruimte. De patio vormt visueel één geheel met de slaap-, eet- en zitruimte.

Keuze van het meubilair

Gezien de reeds vermelde expositie van 1957 is het evident dat Peire kiest voor eigentijds meubilair. In het schildersatelier staat een Thonet zetel evenals als twee exemplaren van de “Hardoy Chair” ontworpen in 1938 door de Argentijnse Grupo Austral bestaande uit Ferrari-Hardoy, Kurcham & Bonet. Na 1945 werd het één van de populairste zetels die in menig interieur tevoorschijn kwam. In de 40 jaren werd deze zetel gepromoot door het vaktijdschrift L’Architecture d’Aujourd’hui. In een advertentie uit 1950 staat “Style AA” en onderaan de naam André Bloc (Directeur Gérant), tevens hoofdredacteur van het tijdschrift. Vermoedelijk kocht Peire deze twee exemplaren in Parijs. André Bloc stelde ook tentoon in de expositie Vormen van Heden Knokke (1957).

In de studio staan er vier blauwe draaiende ‘zwaan’-stoelen, een ontwerp van Arne Jacobsen uit 1957/58. Zoals in het schildersatelier kiest Peire voor blauwe bekleding. De ronde tafel is vermoedelijk geproduceerd door het Deense bedrijf Fritz Hansen. De keuken is uitgevoerd in witte formica.

Peire kocht ook twee lage rieten zetels samen met twee zitjes, eveneens in hetzelfde materiaal[3]. Vermoedelijk kocht hij dit zitmeubilair bij Top Mouton in Proven, één van de grote invoerders van designmeubilair in Vlaanderen.  De “Wicker Easy Chair”  is een creatie uit 1961 van de Deense ontwerpster Nanna Ditzel (1923-2005). De producent van de zetel was het bedrijf R. Wengler uit Kopenhagen. Ditzel had vooral naam gemaakt met haar rotan “Hanging Egg Chair”uit 1958, geproduceerd bij het Italiaans bedrijf Pierantonio Bonacini.

Peire kocht twee ‘tonneau-stoelen” ontworpen door de Franse designer Pierre Guariche (1926-1995) in de jaren ’50, geproduceerd door het bedrijf Steiner. Ze stonden vroeger opeenvolgend in de verschillende ateliers te Parijs. Het bovenste gedeelte van de stoel bestaat uit één stuk plywood. Het plooien van multiplex in drie richtingen werd pas mogelijk na 1945. Charles en Ray Eames waren de eersten die deze technologie gebruikten.

Aan de  muur hangt Golgotha, een kunstwerk in gesoldeerd metaal van de Amerikaan Harold Cousins (1916-1992) [4]. Hij nam in 1957 deel aan de reeds vermelde tentoonstelling Vormen van Heden. Voor het grote tuinraam staat een werk van Natalino Andolfatto, een tweedelige geometrische sculptuur in gepatineerd brons en graniet.

Aan de straatzijde werd door de Stichting een nieuwbouw opgetrokken met expositie- en archiefruimte en ontworpen door de architecten Peter De Bruycker en Inge De Brock.

Marc Dubois

ZOMEREXPOSITIE 2017

« MULTIPEIRE » Luc Peire in multipel

Van 8 juli t/m 10 september

Open op zaterdag & zondag : 11:00 – 18:00 uur

Stichting Jenny & Luc Peire

De Judestraat 64, B-8300 Knokke-Dorp

Bezoek voor groepen na afspraak.

conservator@lucpeire.com

www.lucpeire.com

Eindnoten

[1] VAN HERCK, Karina, AVERMAETE, Tom (red.), Wonen in welvaart: woningbouw en wooncultuur in Vlaanderen 1948-1973, 010 & VAi/CVAa, Rotterdam, Antwerpen, 2007.

[2]HERMAN, Frank (red.), Kortrijkse Kunstwerkstede Gebroeders De Coene – 80 jaar ambacht en industrie: meubelen, interieurs, architectuur, Kortrijk, 2006.

[3] Het gebruik van rotan voor het maken van meubilair kent een lange traditie. In 1950 ontwierp de befaamde Italiaanse architect Franco Albini zijn “Gala” & “Margherita” zetels, uitgevoerd door Vittorio Bonacina. Ook Giovanni Travasa maakte in 1966 een zetel voor dit bedrijf. www.nanna-ditzel-design.dk

[4] Harold Cousins http://www.haroldcousins.com/biography/